Portret
CITYWURL GAAT VOOR EEN INTERNATIONALE UITSTRALING
 
 
                                          
Billy Palmier
Billy Palmier bracht twee jaar geleden zijn debuutalbum uit en deed dat niet enkel in eigen beheer, maar meteen op zijn eigen label. Toch wilde hij in eerste instantie liefst uitbrengen via een bestaand label. “Ik stuurde een demootje naar labels zoals Kinky Star en Pias, maar dat zijn al redelijk big ones en dan moet je een superproduct kunnen afleveren. Ik was totaal onbekend en mijn product was onafgewerkt. Niet dat ik nu wél bekend ben, trouwens.”, verduidelijkt hij met een hartelijke lach. Ondertussen begrijpt hij zelf ook waarom men toen geen interesse toonde. “Moest ik nu die demo zelf toegestuurd krijgen, dan zou ik ook niet weten wat er mee te doen.”

West-Vlamingen staan niet voor niets bekend als harde werkers. De ambitieuze Bruggeling liet zich niet ontmoedigen en zette gestaag door, maar ging niet over één nacht ijs. “Ik heb toch nog twee à drie jaar aan dat album gewerkt. Ik had heel veel materiaal en wou echt iets uitbrengen, dus toen ik merkte dat ik stilaan genoeg ruwe tracks had om een album te kunnen samenstellen begon ik alles af te werken.”

Aangezien hij geen zin meer had om te wachten en nog minder in het contacteren van labels, om dan een hoop blablabla en een afwijzing terug te krijgen, groeide het idee van een eigen label. “De meeste mails komen toch vaak neer op ‘we zijn niet echt geïnteresseerd’ of ‘we zijn niet op zoek naar dit soort muziek’… In mijn ogen had ik niet echt een keuze en dus dacht ik ‘fuck it, ik doe het zelf en hupla’.” Waarmee hij het toch een beetje al te simpel samenvat, beseft hij zelf. “Nee, ik heb echt niet van de ene op de andere gezegd: ‘ik ga een eigen album uitbrengen en m’n eigen label starten, that’s it, poepsimpel en hup.’”, benadrukt hij grinnikkend.

Het was niet alleen de drang om zijn eigen muziek uit te brengen die hem tot zijn eigen label dreef. Billy wou ook meetellen. “Ik kon mijn album gewoon uitbrengen zonder een label, maar als je op je eentje gaat zit je in een erg slechte positie. Je kan nooit druk uitoefenen en blijft een stom pionnetje naar bijvoorbeeld distributeurs toe. Dus had ik zoiets van: ’Ja, ik probeer zelf iets uit te bouwen met 3, 4, 5, 6 artiesten, en is er één die goed werkt dan zijn we vertrokken.’” Schoorvoetend, maar met een glimlach, maakt hij de kanttekening dat dàt toch nog niet helemaal het geval is. Van spijt is echter geen sprake. “Ik doe m’n ding helemaal officieel, heb nu bijna zes namen op het label en één van de projecten kreeg internationale distributie via Rush Hour. Dat geeft me toch zeker het gevoel dat het geen slechte beslissing was en dat ik iets in handen heb waar ik echt op kan verder bouwen.”

    


Onder de huisartiesten vinden we de namen Billy Palmier, Dyno, Called Understandable Souls en het gloednieuwe Made In Japan. De laatste maanden stonden echter in het teken van de compilatie-lp Nine, een project van het Infinitskills-collectief. “Het is een beetje een dubbel geval. Ze hebben zeker hun eigen ding en eigen kanalen maar ergens durf ik ze toch Citywurl-artiest noemen. Nine was een samenwerking met Infinitskills, maar de verschillende producers op die release zijn natuurlijk onafhankelijk.” Die sfeer van onafhankelijkheid wordt ook zo veel mogelijk bewaard binnen het label. “Ik wil gewoon goede muziek uitbrengen en that’s it, point. Ik investeer tijd en geld in dingen die ik echt dope vind en het maakt me dan niet uit of de artiesten echt exclusief van Citywurl zijn of niet. Ik wil een artiest zo veel mogelijk de keuze laten.”

Hoewel die visie een vaste en mooie doelstelling is, zijn er toch ook enige richtlijnen om het leefbaar te houden. “Ik moet mezelf ook een beetje indekken want ik ben niet de man met enorm veel cash. Neem Dyno even als voorbeeld. Hij was een van de eerste artiesten die ik heb kunnen signen en ik vind het nog steeds super dat hij het zag zitten om via Citywurl uit te brengen. Stel, ik betaal de persing van de cd , steek uren in adressen verzamelen van magazines, enzovoort. Dan wil ik ook liever niet dat Dyno twee maanden later datzelfde album uitbrengt op een ander label, omdat die een beter aanbod deden of zo.” Billy wil dus graag zo vrij mogelijk zijn voor zijn artiesten, maar geld uit de ruiten gooien is niet meteen aan de orde. “Ik wil in ieder geval geen schijtlabel zijn dat zegt: 'je bent nu een artiest van ons en je hangt dus helemaal vast aan Citywurl.' Als ik de muziek die ik dig kan uitbrengen of de artiest verder kan helpen ben ik tevreden. Ik heb uiteraard wel graag dat mijn investeringen in zekere zin de moeite lonen.”

Met enkele artiesten onder de arm en een behoorlijk klare kijk op hoe hij de dingen wil aanpakken trekt Billy nu reeds 3 jaar door het moeilijke muzieklandschap. Gelukkig zijn er enkele bakens waarop hij zich kan richten. “Enkele van mijn echt grote voorbeelden waaraan ik me graag zou willen spiegelen zijn Ubiquity Records, BBE en Jazzy Sport. Ik ben er nog lang niet, maar die richting wil ik hoe dan ook uit. Tot nu toe is het een groeiproces, want ik kan niet zomaar gelijk welke grote artiest vragen om op mijn label te komen. Daarvoor heb ik nog te weinig te bieden. Artiesten die echt een trapje hoger staan, weten dat ook van zichzelf en zijn ook niet tevreden met een klein labeltje dat nog geen al te vette maandomzet kan voorleggen”, maakt hij met een grijns duidelijk. “Die willen bijvoorbeeld ook niet enkel een online verkoop, maar ook vinyl en internationale distributie. Hard werken, gewoon blijven gaan en geduld uitoefenen is de boodschap. Of dat al dan niet gaat lukkken, daar kan ik pas over oordelen over vijf of tien jaar denk ik, maar het is zeker wel het doel. Ik ben alvast heel tevreden dat we nu toch al een release hebben via Rush Hour, dat echt wel internationaal is. Als we dat kunnen blijven doen in de toekomst…”

De labels die deze jonge hongerige wolf aanhaalt, kenmerken zich onder meer door hun verscheidenheid in stijlen en genres. Ook op dat vlak zou Citywurl zich graag onderscheiden. Een main-focus? Ja, maar dan niet onder één hoedje te vangen. “Voor mij hoeft het echt niet enkel hiphop te zijn of jazz. Het moet gewoon iets soulful hebben. ’t Is eigenlijk moeilijk te beschrijven. Ik wil muziek uitbrengen waarvan ik zelf iets heb van: ‘dees vind ik dope en de max!’. Het moet me raken. Bossa nova, soulful house en samba kunnen voor mij ook zonder probleem. Het moet passen in een bepaalde sfeer en een bepaalde feel, dat het label ook wil uitsralen. De stijlen doen er dus niet echt toe. If it fits the label, het me raakt en ik er niet té veel geld aan verlies, dan wil ik er voor gaan. Zolang ik zelf kan rondkomen, mijn huur kan betalen, het label kan voortzetten en laten groeien, ben ik echt meer dan tevreden. Ik moet er zelfs geen winst uit halen of zo, break even is perfect." De voetjes echt wel op de grond dus.

"Wat ik in ieder geval nooit zal doen, is een artiest signen enkel omdat die bijvoorbeeld massaal op de Westvlaamse radio gedraaid wordt en ik daar dus gemakkelijk cash uit zou kunnen halen. Dat interesseert me nu eens echt totaal niet.”

            


Muziek kent geen geografische grenzen en in plaats van een West-Vlaamse hitmachine belandde zo het Zweedse Called Understandable souls op Citywurl. “Ik wil zo veel mogelijk uitbreiden naar internationale artiesten en acts. Het maakt me niet zó veel uit waar het vandaan komt, maar ik wil wel bijvoorbeeld niet per sé een louter Belgische vibe. Ik wil een een internationale uitstraling, of dat nu belgen zijn of niet. Ik ben natuurlijk gelimiteerd om internationale artiesten aan te spreken en dat maakt het allemaal nog wat moeilijker, zeker als je met een beperkt budget zit. Toch wil ik graag muziek uitbrengen die een wereldwijde nichemarkt kan vinden en die mensen over de hele wereld kunnen diggen.”

De visie en plannen zijn uitgezet en Citywurl loopt langzaam maar zeker steeds steviger rechtop in de kinderschoentjes. Als ouder blijf je toch best waakzaam want de realiteit is niet altijd kindvriendelijk. We betrappen de trotse vader op een zucht. “Het label brengt echt niet veel geld op en ik kan er zeker niet van leven. Ik probeer dus steeds geld bijeen te sprokkelen voor nieuwe projecten en releases en dat is best wel vermoeiend, moet ik eerlijk toegeven. Veel mensen stellen ook meteen zeer hoge verwachtingen.” Een reactie in de aard van: ‘Is dat het enige? Ge moet meer doen! Waar is die promo, waar is die dit en waar is die dat…?’, krijgt hij naar eigen zeggen wel vaker “Natuurlijk hebben ze in weze wel gelijk maar ik heb toch al twee momenten gehad waarop ik dacht: ‘fuck man, is dees echt wel de moeite?’
Ik ben grafisch ontwerper van opleiding en heb ook net een klein grafisch bedrijfje opgestart.
De bedoeling is fucking simpelweg mijn huur te kunnen betalen, zorgen dat ik rondkom om te leven en al de rest van ’t geld kruipt in muziek. Ik vind het niet erg dat ik niet volledig kan leven van het label, maar ik hoop natuurlijk dat het op zekere dag toch binnen handbereik komt. Tot dan ben ik maar een simpele gast die gewoon zijn boontjes probeert te doppen.”

Toch behoren, naast die beslommeringen, ook de albums van Dyno en Billy Palmier tot diezelfde realiteit. Verwezenlijkingen waarop de betrokkenen terecht trots mogen zijn en het zijn zeker niet de laatste. De eerst volgende release wordt de single van Made In Japan. “Het is een nieuwe groep die in de lijn van Steve Spacek ligt, met een soulful housetintje. Gusto en ikzelf zijn de producers en we worden vergezeld van een gospelzanger en –zangeres. Er is nog werk aan en we hebben nog niet zo veel nummers, maar ik durf voorzichtig zeggen dat het echt next level gaat zijn voor Citywurl.”

Gelukkig zal dit nieuwe project Billy Palmier zeker niet ten grave dragen. “Ik ben rustig bezig aan een nieuw album maar dat zal nog wel wat op zich laten wachten. In tussentijd komt er waarschijnlijk wel al een EP. De stijl zal trouwens ook wat anders zijn. Geëvolueerd en beter zeg maar.”

Ook de andere artiesten zitten niet stil zo blijkt. “Dyno is erg hard bezig aan eigen materiaal en deed ook wat remixen. Misschien dat we daar een digitale release van kunnen maken. De Cinematic Series krijgen sowieso ook nog een vervolg.” Die Cinematic Series staan momenteel, onterecht wat ons betreft, nog wat in de schaduw van de albums en Nine. “Goh, het is eigenlijk ook nogal een mistig iets", grinnikt hij. "Ik ben een grote fan van polaroid-foto’s en ik wou de twee combineren. Muziek gaat om sfeer en gevoelens en bij polaroids heb ik dat ook. Het zijn echt foto’s met feeling. Ik maakte dus foto’s die een cinematografische feel hebben en ging op zoek naar artiesten die muziek kunnen maken volgens een dergelijk concept.”

De serie is toch meer dan zo maar een voorbij waaiend idee, zo blijkt. “Het was ook de bedoeling om iets anders dan gewoon albums of singles uit te brengen. Ik wil artiesten ergens wel lichtjes pushen om ruimer te gaan. Het kan dus van alles zijn, want het gaat om vibes. Je kan het niet vastprikken. Het zijn heel kleine projecten van drie of vier tracks in één flash. Dat kan jazz zijn maar ook vier pure oldskool tracks. De eerste release was van Called Understandable Souls en die is behoorlijk elektronisch maar ook nog redelijk hiphop-gebaseerd. We staan nog niet zo heel ver maar ik vind het in ieder geval een enorm leuk project. De volgende EP is normaal gezien van Powell Beats en ook Chris Prolific is geïnteresseerd.”

Concrete release-datums kon de heer Palmier nog niet meedelen, maar toekomst is er hoe dan ook.
“Een distributeur als Rush Hour is sowieso een enorme duw in de rug. Ook al zijn we internationaal beschikbaar via iTunes, het gebrek aan media-aandacht blijft. Als het via Rush Hour wordt aangeboden, weten velen al dat het waarschijnlijk dope is en dat geeft natuurlijk een extra push.”
Uiteraard is Billy zelf ook sneller geneigd om geld te investeren als hij weet dat Rush Hour de distributie doet. “Nine werd nu via Infinitskills geregeld, maar ik weet dat Rush Hour al op de hoogte was van Citywurl en interesse toonde om wat te doen. Als Nine bijvoorbeeld helemaal uitverkocht geraakt binnen de eerste 5 maanden, dan ben ik er 100% van overtuigd dat zij zeker nog met Citywurl zullen samenwerken. Rush Hour is een van de distributeurs die echt wel gaan voor hetgeen dat ze zelf dope vinden, maar gelijk wie ergens geld insteekt, wil geen geen stomme zetten doen.”

Tot die nieuwe releases officieel uitkomen hou je je makkelijk zoet met de clip voor Billy Palmiers I Got No Money, de ruwe versie van Babyspace dat de single van Made In Japan zal worden en via Dyno al bij Nalden geraakte (Menu -> Audio -> Current Favorites Of Dyno). Daar vind je trouwens ook meteen Dyno's Fuh Real terug. Andere namen die je nog in de zéér nabije omgeving van Citywurl zal tegenkomen zijn:
Called Understandable Souls, Infinitskills, Powell Beats, I-Sa, Chris Prolific en Dj Mitsu The Beats! Don’t sleep!

Citywurl.com

Citywurl Myspace

Billy Palmier Myspace
Billy Palmier
txt: js / jpg: depics
 
Archief
Nieuws -  Telex -  Portret -  Collector -  Galerij -  Video -  Review -  Studio -  Download